Deel XV · Over de Rechtvaardigheid
P. II-II, q. 57–66 · Antwerpen, Geloofsverdediging, 1940
- Kw. 57 Over het recht
- Art. 1 Is recht het voorwerp van de rechtvaardigheid?
- Art. 2 Is het passend het recht te verdeelen in natuurrecht en positief recht?Is het passend het recht te verdelen in natuurrecht en positief recht?
- Art. 3 Is volkenrecht hetzelfde als natuurrecht?
- Art. 4 Moet een speciaal onderscheid worden gemaakt tusschen het recht van den vader en dat van den heer?Moet een speciaal onderscheid worden gemaakt tussen het recht van de vader en dat van de heer?
- Kw. 58 Over de rechtvaardigheid
- Art. 1 Is het passend de rechtvaardigheid te bepalen als « de standvastige en blijvende wil om aan eenieder zijn recht te geven »?Is het passend de rechtvaardigheid te bepalen als “de standvastige en blijvende wil om aan eenieder zijn recht te geven”?
- Art. 2 Sluit de rechtvaardigheid altijd verhouding tot een ander in?
- Art. 3 Is de rechtvaardigheid een deugd?
- Art. 4 Is de rechtvaardigheid in den wil als in haar subject?Is de rechtvaardigheid in de wil als in haar subject?
- Art. 5 Is de rechtvaardigheid een algemeene deugd?Is de rechtvaardigheid een algemene deugd?
- Art. 6 Valt de rechtvaardigheid, als algemeene deugd, naar de wezenheid samen met alle andere deugden?Valt de rechtvaardigheid, als algemene deugd, naar de wezenheid samen met alle andere deugden?
- Art. 7 Bestaat er, buiten de algemeene rechtvaardigheid, nog een bijzondere rechtvaardigheid?Bestaat er, buiten de algemene rechtvaardigheid, nog een bijzondere rechtvaardigheid?
- Art. 8 Heeft de bijzondere rechtvaardigheid een eigen gebied?
- Art. 9 Heeft de rechtvaardigheid betrekking op de hartstochten?
- Art. 10 Is het midden van de rechtvaardigheid een zaakmidden?
- Art. 11 Is het de daad van de rechtvaardigheid, aan ieder het zijne te geven?
- Art. 12 Is de rechtvaardigheid de voornaamste onder de zedelijke deugden?
- Kw. 59 Over de onrechtvaardigheid
- Kw. 60 Over het oordeel
- Art. 1 Is oordeelen een daad van rechtvaardigheid?Is oordelen een daad van rechtvaardigheid?
- Art. 2 Is oordeelen gewettigd?Is oordelen gewettigd?
- Art. 3 Is een oordeel op grond van verdenking ongewettigd?
- Art. 4 Moeten twijfelgevallen langs den besten kant worden uitgelegd?Moeten twijfelgevallen langs de beste kant worden uitgelegd?
- Art. 5 Moet men altijd overeenkomstig de geschreven wetten oordeelen?Moet men altijd overeenkomstig de geschreven wetten oordelen?
- Art. 6 Ontaardt het oordeel door gezagsaanmatiging?
- Kw. 61 Over de deelen van de rechtvaardigheidOver de delen van de rechtvaardigheid
- Art. 1 Is het passend twee soorten van rechtvaardigheid te onderscheiden: de verdeelende en de ruilrechtvaardigheid?Is het passend twee soorten van rechtvaardigheid te onderscheiden: de verdelende en de ruilrechtvaardigheid?
- Art. 2 Wordt het midden in denzelfden zin opgevat in de verdeelende en in de ruilrechtvaardigheid?Wordt het midden in dezelfde zin opgevat in de verdelende en in de ruilrechtvaardigheid?
- Art. 3 Bestrijken de twee soorten rechtvaardigheid een verschillend gebied?
- Art. 4 Is het rechtvaardige, zonder meer hetzelfde als het wedervergoldene?
- Kw. 62 Over de teruggave
- Art. 1 Is de teruggave een daad van de ruilrechtvaardigheid?
- Art. 2 Is het noodig ter zaligheid, het ontnomene terug te geven?Is het nodig ter zaligheid, het ontnomene terug te geven?
- Art. 3 Is het voldoende enkel datgene terug te geven, wat onrechtvaardig werd ontnomen?
- Art. 4 Moet iemand teruggeven wat hij niet ontvreemd heeft?
- Art. 5 Moet de teruggave altijd geschieden aan hem, van wien men iets genomen heeft?Moet de teruggave altijd geschieden aan hem, van wie men iets genomen heeft?
- Art. 6 Is het altijd hij die ontvangen heeft, die moet teruggeven?
- Art. 7 Zijn zij die niet ontvingen, tot teruggave verplicht?
- Art. 8 Is iemand tot onverwijlde teruggave verplicht, of kan de teruggave wettig verdaagd worden?
- Kw. 63 Over het aanzien van personen
- Art. 1 Is het aanzien van personen zonde?
- Art. 2 Heeft het aanzien van personen plaats bij het uitdeelen van geestelijke goederen?Heeft het aanzien van personen plaats bij het uitdelen van geestelijke goederen?
- Art. 3 Heeft de zonde van aanzien van persoon plaats bij het betuigen van eer en achting?
- Art. 4 Heeft het aanzien van personen plaats, bij gerechtelijke uitspraken?
- Kw. 64 Over den doodslagOver de doodslag
- Art. 1 Is het dooden van alle levende wezens verboden?Is het doden van alle levende wezens verboden?
- Art. 2 Is het geoorloofd zondaars te dooden?Is het geoorloofd zondaars te doden?
- Art. 3 Is het aan een privaat persoon geoorloofd, een zondaar te dooden?Is het aan een privaat persoon geoorloofd, een zondaar te doden?
- Art. 4 Mogen geestelijken de boosdoeners dooden?Mogen geestelijken de boosdoeners doden?
- Art. 5 Is het aan iemand geoorloofd zelfmoord te plegen?
- Art. 6 Is het in sommige gevallen toegelaten een onschuldige te dooden?Is het in sommige gevallen toegelaten een onschuldige te doden?
- Art. 7 Is het geoorloofd een ander uit zelfverdediging te dooden?Is het geoorloofd een ander uit zelfverdediging te doden?
- Art. 8 Is iemand die toevallig een mensch doodt, schuldig aan doodslag?Is iemand die toevallig een mens doodt, schuldig aan doodslag?
- Kw. 65 Over de andere onrechtvaardigheden die tegen den persoon worden bedrevenOver de andere onrechtvaardigheden die tegen de persoon worden bedreven
- Art. 1 Kan het in een bepaald geval geoorloofd zijn, iemand te verminken in zijn ledematen?
- Art. 2 Mogen de vaders hun kinderen, of de meesters hun slaven kastijden?
- Art. 3 Is het toegelaten een mensch te kerkeren?Is het toegelaten een mens te kerkeren?
- Art. 4 Is het zwaardere zonde, wanneer voornoemde onrechtvaardigheden begaan worden tegen een persoon, die met anderen verwant is?
- Kw. 66 Over diefstal en roof
- Art. 1 Is het overeenkomstig de natuur van den mensch, uitwendige goederen te bezitten?Is het overeenkomstig de natuur van de mens, uitwendige goederen te bezitten?
- Art. 2 Is het aan iemand geoorloofd, iets te bezitten als zijn eigen goed?
- Art. 3 Behoort het heimelijk wegnemen van andermans goed, tot het wezen van diefstal?
- Art. 4 Zijn diefstal en roof soortelijk onderscheiden zonden?
- Art. 5 Is diefstal altijd zonde?
- Art. 6 Is diefstal doodzonde?
- Art. 7 Is het toegelaten te stelen uit nood?
- Art. 8 Kan roof geschieden zonder zonde?
- Art. 9 Is diefstal zwaardere zonde dan roof?